Zuid-Nederlanders

Illustratie: Afbeelding: Lakenmakers aan het werk op een prent van Jan Luyken, 1694 (Rijksmuseum Amsterdam).

Er zijn behoorlijk wat Zuid-Nederlandse ambachtslieden naar Alkmaar gekomen. Een grote groep trok tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) hierheen, maar de migratiestroom bleef doordruppelen tot halerwege de achttiende eeuw.

Vluchtelingen

Toen de Spaanse koning de Zuidelijke Nederlanden heroverde na het uitbreken van de Opstand, trokken veel mensen weg uit het gebied. Daar waren verschillende redenen voor. Religieuze overwegingen bijvoorbeeld: protestanten konden onder het katholieke Spaanse gezag kiezen tussen bekering tot het katholicisme, vervolging of vluchten. Er waren ook economische redenen om te migreren. Zo kwamen veel mensen uit de wol- en lakenindustrie in de problemen doordat de oorlog de aanvoer van wol uit Engeland dwarszat. Na de Tachtigjarige Oorlog zullen de meeste immigranten om economische redenen naar het noorden zijn getrokken, waar de economie was opgebloeid.

Lakenmakers en wolververs

Veel politieke en religieuze vluchtelingen uit de Zuidelijke Nederlanden waren welgesteld. Ze brachten geld en kennis mee naar het noorden. Maar er kwamen ook arme migranten op de economische bloei in het noorden af. In Alkmaar vinden we onder de Zuid-Nederlandse immigranten veel ambachtslieden, ook uit de wol- en lakenindustrie. Ze werkten bijvoorbeeld als (wol)lakenmaker en wolverver, en als droogscheerder, lijndraaier, schoenmakersgezel, slotenmaker, koekenbakker, timmerman en stratenmaker.

 

Afbeelding: Lakenmakers aan het werk op een prent van Jan Luyken, 1694 (Rijksmuseum Amsterdam).

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp
Inschrijving van Johanna Jacoba West in het doopboek van de Grote Kerk van Alkmaar: 'Op gedaane Belijdenis is gedoopt, Johanna Jacoba West. Dienstmaagd Van Den Wel.Ed:Ges: Heer Fredrik Van de Wall, & gebooren op de Westkust van Sumatra, In de Oost-Indiën.'

‘Op de Westkust van Sumatra’

Johanna Jacoba West werd op 26 november 1769 gedoopt in de Alkmaarse Grote Kerk. Volgens het doopboek was zij ‘gebooren op de Westkust van Sumatra, in de Oost-Indiën’. Haar aangenomen achternaam – West – verwees ongetwijfeld naar haar geboortegrond, het westen van Sumatra, een eiland dat nu deel uitmaakt van

Detail uit de akte van notaris Adriaan Wentel, 1 februari 1748, met de beschrijving van de confrontatie met de 'vreemdelingen of poepen'.

‘Poepen’ bij Huisduinen

Op een zomermiddag in 1747 raakten gezagsdragers van Huisduinen in een weiland slaags met een groepje arbeiders, ‘meest vreemdelingen of poepen’. ‘Poepen’ was een scheldwoord voor Duitsers. Twee getuigen beschreven de confrontatie op 1 februari van het jaar daarop voor de Helderse notaris Adriaan Wentel. Allemaal baas De Duitsers waren

Illustratie: Afbeelding: Een schoolmeester aan het werk op een prent door Jan Luyken, 1694 (Rijksmuseum Amsterdam).

Twee Franse schoolmeesters

In de late zeventiende eeuw stelde het Alkmaarse stadsbestuur twee Franse schoolmeesters aan. De twee waren hugenoten oftewel Franse protestanten, op de vlucht omdat ze in Frankrijk onder druk werden gezet om zich te bekeren tot het katholieke geloof. Het stadsbestuur van Alkmaar bood hun financiële steun. Franse taalles De