Engelsen

Prent van vluchtende Engelse soldaten in 1586

In de eerste helft van de zeventiende eeuw woonde er een behoorlijke groep Engelsen in Alkmaar en omgeving. Veel van hen waren er als soldaat gestationeerd, maar er zaten ook economische immigranten tussen.

Duizenden soldaten

Tijdens de Tachtigjarige Oorlog kwamen er veel Engelse soldaten naar de Nederlanden. Koningin Elizabeth van Engeland steunde de Nederlanders in hun opstand tegen het Spaanse gezag en stuurde vanaf 1585 duizenden militairen. Het Nederlandse leger bestond toen voor een groot deel uit buitenlandse huurlingen. De Engelse soldaten die in Alkmaar trouwden, zaten vaak in het garnizoen in de stad of waren in de buurt gelegerd.

Hoedenmakers en misdadigers

Niet alle Engelsen in de Nederlanden en Alkmaar waren soldaat. Soms trouwde er bijvoorbeeld ook een Engelse hoedenmaker of wollenwever, zo blijkt uit de Alkmaarse trouwregisters. In de rechterlijke bronnen zijn bovendien verschillende verhalen te vinden over Engelse misdadigers die in de regio actief waren. In de late zeventiende eeuw lijkt het aantal Engelse immigranten in Alkmaar en omgeving te zijn afgenomen, terwijl het in die tijd in havensteden als Rotterdam en Amsterdam juist groeide.

 

Afbeelding: Vluchtende Engelse soldaten, detail uit een prent van de verovering van Nijmegen, in 1586, van Frans Hogenberg (Rijksmuseum Amsterdam).

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp
Inschrijving van Johanna Jacoba West in het doopboek van de Grote Kerk van Alkmaar: 'Op gedaane Belijdenis is gedoopt, Johanna Jacoba West. Dienstmaagd Van Den Wel.Ed:Ges: Heer Fredrik Van de Wall, & gebooren op de Westkust van Sumatra, In de Oost-Indiën.'

‘Op de Westkust van Sumatra’

Johanna Jacoba West werd op 26 november 1769 gedoopt in de Alkmaarse Grote Kerk. Volgens het doopboek was zij ‘gebooren op de Westkust van Sumatra, in de Oost-Indiën’. Haar aangenomen achternaam – West – verwees ongetwijfeld naar haar geboortegrond, het westen van Sumatra, een eiland dat nu deel uitmaakt van

Detail uit de akte van notaris Adriaan Wentel, 1 februari 1748, met de beschrijving van de confrontatie met de 'vreemdelingen of poepen'.

‘Poepen’ bij Huisduinen

Op een zomermiddag in 1747 raakten gezagsdragers van Huisduinen in een weiland slaags met een groepje arbeiders, ‘meest vreemdelingen of poepen’. ‘Poepen’ was een scheldwoord voor Duitsers. Twee getuigen beschreven de confrontatie op 1 februari van het jaar daarop voor de Helderse notaris Adriaan Wentel. Allemaal baas De Duitsers waren

Illustratie: Afbeelding: Een schoolmeester aan het werk op een prent door Jan Luyken, 1694 (Rijksmuseum Amsterdam).

Twee Franse schoolmeesters

In de late zeventiende eeuw stelde het Alkmaarse stadsbestuur twee Franse schoolmeesters aan. De twee waren hugenoten oftewel Franse protestanten, op de vlucht omdat ze in Frankrijk onder druk werden gezet om zich te bekeren tot het katholieke geloof. Het stadsbestuur van Alkmaar bood hun financiële steun. Franse taalles De