Vlak nadat dienstmeid Pietertje Roelofs Boijs een nieuwe betrekking had gevonden bij de heer Van der Mieden, beviel ze op 11 mei 1737 plotseling van een dochtertje. Pietertje stierf in het kraambed, maar niet voor ze had verklaard wie de vader was van haar dochter: haar vorige werkgever, de stalhouder Jan Heselman uit het Duitse Moers. Het meisje kreeg de naam Pieternelletje en werd op 15 mei in de Grote Kerk gedoopt.
Ingewikkeld familieleven
De Duitse stalhouder Jan Heselman had een ingewikkeld familieleven. Hij had al vijf kinderen uit een eerder huwelijk toen hij in 1731 in Alkmaar met de Oost-Friese Margrieta Eijlars trouwde. Zo’n vijf jaar later kreeg hij met haar een tweeling. Margrieta stierf in het kraambed en Jan trouwde voor de derde keer, nu met de Amsterdamse Catrina Craanmeester. Er stonden inmiddels dus zeven kinderen en drie vrouwen op de teller. En nu was hij ook vader van een buitenechtelijke dochter, van wie de moeder niet meer in leven was.
Voor het gerecht
De zorg voor het kindje kwam voor rekening van de familie van Pietertje. Maar die liet het daar niet bij zitten. Pietertjes zwager, zus, oom en tante verzamelden zich op 28 mei 1737 bij de schepenen van Alkmaar. Pietertjes dochter was net twee weken oud. De familie had een zaak aangespannen tegen haar vader – de Duitse stalhouder Jan. Tijdens de zitting werd bekend dat Jan het ‘zijn werk heeft gemaakt haar [Pietertje] onder veel liefkosingen, sterke aanzoekinge, goede verseekeringen en beloftes van trouwen, tot zijn wille en vleeselijks begeertens te verleijden.’ De schepenen oordeelden dat Pietertje te jong, onervaren en zwak was geweest om de aanhoudende verzoeken van Jan te weerstaan. Daardoor had Jan haar kunnen verleiden en bezwangeren. Jan moest voor het onderhoud van zijn dochtertje gaan betalen.
Weeshuis
Jans vrouw Catrina was niet blij met de ontwikkelingen en dreigde Jan te verlaten. Voor ze de kans kreeg, vertrok Jan met zijn kinderen naar zijn moeder in Moers. De tweeling was toen al overleden. Catrina vertrok op haar beurt naar Amsterdam. Jan en zijn kinderen keerden een paar weken later toch terug naar Alkmaar. Hier overleed Jan Heselman op 7 april 1740. Zijn kinderen, behalve de oudste zoon Dirk, kwamen in het weeshuis terecht.
Zie:
Oud-rechterlijke archieven van Alkmaar (10.3.006), inventarisnummer 72; Historisch-genealogisch dagboek 1722-1759, samengesteld en bewerkt door Hans Koolwijk, pp. 36-37.



