Duitse smid in Koedijk

Illustratie: trouwintekening van Frederik Laurensz en Aagje Jansz van der Linden in 1738

Een vaste bezoeker van de studiezaal van het Regionaal Archief vertelde over zijn Duitse voorvader, die in de achttiende eeuw smid werd in Koedijk.

Lutherse kerk

Een van de voorouders van onderzoeker Pieter Schager was Frederik Laurensz uit Duitsland. Zoals veel Duitsers was deze Frederik een lutheraan; een aanhanger van de kerkelijke traditie van Maarten Luther. Frederik Laurensz trouwde in 1738 dan ook in de lutherse kerk van Alkmaar met de Alkmaarse Aagje Jans van der Linden. Hij woonde toen op het Veneetse Eiland. Omdat ze niet voor de ‘officiële’ kerk trouwden, moesten Frederik en Aagje ook nog trouwen voor de Alkmaarse burgermeesters.

Meisje uit Duitsland

Bij het huwelijk staat vermeld dat Frederik afkomstig was uit Lauben, een plaats in Beieren. Maar het is waarschijnlijker dat hij uit Laubach in Hessen kwam, zoals een klerk bij een later huwelijk noteerde. Het ziet ernaar uit dat Frederik na de dood van zijn vrouw Aagje in november 1740 nog twee keer trouwde: een paar maanden later al met Johanna Sulhovens, en in 1745 met een meisje dat ook uit Duitsland kwam: Margaretha Hedwig Rikkers, uit Itzehoe in Holstein.

Smit

Frederik Laurensz woonde toen intussen in Koedijk. In 1743 had hij daar een smederij gekocht. Hij leerde het vak ook aan de zoons die hij kreeg met de Duitse Margaretha. Zij gingen de achternaam Smit gebruiken. Zoon Pieter Frederiksz Smit werd meester-hoefsmid in de Zijpe en zoon Jan Frederiksz Smit had later een smederij in Oudkarspel. Die Jan zou bij zijn dood een bruine kist met koperbeslag, slot en knoppen – inclusief de inhoud – nalaten aan zijn broer Pieter, en ook nog eens drie schilderijtjes met het leven van Joseph en een grote spiegel, aldus zijn testament. Frederik Laurensz zelf bleef in Koedijk. Daar overleed hij in 1792.

 

Zie:

Pieter Schager, ‘Op zoek naar Pieter Frederiksz Smit’, Hollands Noorderkwartier, jaargang 22/4 (december 2008), pp. 124-128.

Facebook
Twitter
LinkedIn
WhatsApp
Inschrijving van Johanna Jacoba West in het doopboek van de Grote Kerk van Alkmaar: 'Op gedaane Belijdenis is gedoopt, Johanna Jacoba West. Dienstmaagd Van Den Wel.Ed:Ges: Heer Fredrik Van de Wall, & gebooren op de Westkust van Sumatra, In de Oost-Indiën.'

‘Op de Westkust van Sumatra’

Johanna Jacoba West werd op 26 november 1769 gedoopt in de Alkmaarse Grote Kerk. Volgens het doopboek was zij ‘gebooren op de Westkust van Sumatra, in de Oost-Indiën’. Haar aangenomen achternaam – West – verwees ongetwijfeld naar haar geboortegrond, het westen van Sumatra, een eiland dat nu deel uitmaakt van

Detail uit de akte van notaris Adriaan Wentel, 1 februari 1748, met de beschrijving van de confrontatie met de 'vreemdelingen of poepen'.

‘Poepen’ bij Huisduinen

Op een zomermiddag in 1747 raakten gezagsdragers van Huisduinen in een weiland slaags met een groepje arbeiders, ‘meest vreemdelingen of poepen’. ‘Poepen’ was een scheldwoord voor Duitsers. Twee getuigen beschreven de confrontatie op 1 februari van het jaar daarop voor de Helderse notaris Adriaan Wentel. Allemaal baas De Duitsers waren

Illustratie: Afbeelding: Een schoolmeester aan het werk op een prent door Jan Luyken, 1694 (Rijksmuseum Amsterdam).

Twee Franse schoolmeesters

In de late zeventiende eeuw stelde het Alkmaarse stadsbestuur twee Franse schoolmeesters aan. De twee waren hugenoten oftewel Franse protestanten, op de vlucht omdat ze in Frankrijk onder druk werden gezet om zich te bekeren tot het katholieke geloof. Het stadsbestuur van Alkmaar bood hun financiële steun. Franse taalles De